Wat is scherp?
 
9
   
.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
   
 
 
 
 
 
 
 
   
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
   
 
 
 
 
.
 

Inleiding

Om deze vraag te kunnen beantwoorden moeten we ons afvragen wat is de minimum dikte van een  lijn dat een gemiddeld menselijk oog nog kan zien?

Een tijd geleden heb ik ergens op het internet gelezen dat de scherptegrens voor een gemiddeld menselijk oog op 0.03mm lag, bekeken op een foto van 30x20cm op een afstand van 30 cm.
Ik vond echter het artikel niet meer terug.
In mijn zoektocht vond ik andere artikels die hier ook mee in verband stonden maar totaal afwijkende gegevens gaven.
Uiteindelijk heb ik zelf een test opgezet om voor mezelf gefundeerde criteria te kunnen opstellen  ter beoordeling van een foto.

Zoekend op het internet heb ik volgende artikels kunnen vinden:

  • COC : circle of confusion – verstrooiingscirkel

Wanneer een punt zich voor of achter het scherpstelpunt van een camera bevind , dan zal dat punt  niet scherp op de foto afgebeeld worden.
Het zal op de film als een ronde spot met een bepaalde diameter zichtbaar zijn.
De diameter van die spot die men in de fotografie nog acceptabel vind noemt men de verstrooiingscirkel.
Die is op 0,032mm vastgelegd voor een 24x36 negatief film.
Aan de hand van dit gegeven kan men de scherptediepte (DOF) berekenen.
De DOF is de afstand voor en na het scherpstelpunt wat nog aanvaardbaar scherp is op de foto.

Hoe komt men aan die diameter?
De formule voor de berekening van de DOF is ontstaan in 1930.
Toen was de max. scherpte wat men met camera en de toen beschikbare lenzen kon bereiken: een spot met een diameter van 0.25mm op een foto van 20x25cm.
Dergelijke spot werd als scherp beschouwd wanneer bekeken op 25cm afstand.
Omgerekend naar een 24x36mm negatief film (vergroting= 8x) komt dit neer op 0,032mm.
Ondertussen zijn zowel camera als lenzen sterk verbetert, en kan men een spot van 0.25mm nog moeilijk als scherp beschouwen.
Deze criteria worden echter door lenzenfabrikanten nog steeds gebruikt om de DOF te bepalen
Meer info vind je hier:  http://www.normankoren.com/Tutorials/MTF6.html

  • Scherptegrenzen van het menselijk oog.

    • De scherptegrens is 0.075mm voor een foto van 20x25cm op 25cm afstand bekeken.

      In mijn zoektocht naar informatie i.v.m. de scherptegrens van gemiddeld  menselijk oog vond ik volgend document:  http://www.normankoren.com/Tutorials/MTF.html#Human_visual_acuity

      Dit document beschrijft dat de zichtbaarheidslimiet voor het menselijk oog: Een lijn met een dikte van  0.0727mm zou zijn, op een foto van 20x25cm, bekeken op een afstand van 25cm.
      Omgerekend naar een negatief film zou dit een lijn van 0.018mm zijn.
      Sommige mensen kunnen echter ook lijnen met halve lijndikte (0.035mm), nog goed onderscheiden

    • Haardikte van een “Europees menselijk haar”
      De dikte van een Europees menselijk haar ligt tussen 0.05 en 0.09mm (50-90µm)
      Bovenstaande scherptegrens zou betekenen dat een gemiddeld menselijk oog, een zwart haartje van 60µm op een wit blad op 25cm afstand niet meer kan zien!!
      Het is duidelijk dat 0.075mm onmogelijk de zichtbaarheidsgrens van het menselijk oog kan zijn.
      http://nl.wikipedia.org/wiki/Haar_(zoogdier)#Functies_en_eigenschappen

    • Eigen testopstelling:

Opstelling:
* Een zwart haar op een wit blad met een (gemeten ) diameter van 60µm aan de muur in een goed verlicht lokaal.
Alle gevraagde proefpersonen kunnen het haartje op een afstand van minstens 4m nog goed onderscheiden.

* Een donkere kunstvezel met een gemeten diameter van 20µm op een wit blad papier.
Resultaat : alle proefpersonen kunnen de kunstvezel op een afstand van 30cm nog onderscheiden.

Besluit:

De criteria van +/- 0.07 mm bekeken op een afstand van 30cm lijken toch telkens weer op te duiken als een goed haalbare limit zonder grote inspanningen voor het menselijk oog .
Op deze afstand kunnen parallelle lijnen nog als individuele lijnen gezien worden.

Testen  bewijzen  dat voor de meesten, een enkele lijn met een dikte van 20-30µm ook nog zichtbaar is.

  • Bedoeling van het onderzoek is te kijken hoe groot de resolutie van de camera en foto moet zijn om dezelfde scherpte op een foto te verkrijgen als in werkelijkheid kan gezien worden.
    Enerzijds loop je tegen de limieten van het menselijk oog aan die geen parallelle lijnen van minder dan 0.075mm kan onderscheiden, anderzijds wil je op een portretfoto ,de haren of van  een macrofoto, de fijnste details kunnen onderscheiden.

Om die reden wil ik de criteria voor de minimumscherpbeoordeling op 70µm plaatsen, 
en de zichtbaarheids grens voor
superscherp  op helft (35µm) leggen.
Dit voor lijnen met een goed contrast (zwart op wit) bekeken op 30 cm afstand

  • 35µm komt hierop neer dat een haartje (70µm) gefotografeerd met een 50mm lens op een afstand van 60 cm en afgedrukt op een foto van 20x30 cm nog net zichtbaar zal zijn.

 

 

 

 

 

update 2021